De nieuwe fiscale regulatieronde in België: EBAquinquies

| BE Law

| Leestijd: 4 minuten
regulatieronde België

De ficale regulatieronde in België (vaak informeel ‘regulatieronde’ genoemd) is een wettelijke regeling waarmee burgers en ondernemers hun onjuiste of onvolledige belastingaangiftes uit het verleden alsnog kunnen rechtzetten. Het fungeert als een tweede kans om zwart geld of niet-aangegeven vermogen aan te geven zonder strafrechtelijke vervolging.  

Met de publicatie van de Programmawet van 18 juli 2025 in het Belgisch Staatsblad van 29 juli 2025 werd het officiële startschot gegeven voor EBAquinquies, de vijfde federale fiscale regularisatieronde. Het nieuwe model van regularisatieaangifte werd vervolgens vastgesteld bij Koninklijk Besluit van 28 juli 2025 en gepubliceerd op 4 augustus 2025. 

De Dienst Voorafgaande Beslissingen (DVB) heeft op 24 april 2026 een geactualiseerde FAQ gepubliceerd. Hoewel EBAquinquies inhoudelijk grotendeels voortbouwt op EBAquater, biedt deze FAQ belangrijke verduidelijkingen over de toepassing van de regeling in de praktijk. Daarbij springen vooral de strengere benadering van de bewijslast, de aangepaste definitie van fiscaal verjaarde kapitalen en de expliciete behandeling van fysiek goud in het oog. 

EBAquinquies: het vervolg op EBAquarter 

EBAquinquies neemt in grote lijnen het systeem van de vorige regularisatieronde over. Zowel natuurlijke personen als rechtspersonen kunnen spontaan niet-verjaarde inkomsten en fiscaal verjaarde kapitalen regulariseren bij het Contactpunt Regularisaties (CPR). In ruil voor de betaling van een regularisatieheffing ontvangt de aangever een regularisatieattest dat bescherming biedt tegen fiscale en strafrechtelijke vervolging en tegen verbeurdverklaring. 

De belangrijkste wijziging ten opzichte van EBAquater betreft de kostprijs van de regularisatie: 

  • Niet-verjaarde inkomsten: verhoging van de boete van 25% naar 30%; 
  • Fiscaal verjaarde kapitalen: verhoging van 40% naar 45%;  
  • Sociale bijdragen: verhoging van 17% naar 20%.  

Voor roerende inkomsten betekent dit bijvoorbeeld dat het gewone tarief van 30% roerende voorheffing wordt verhoogd met een bijkomende heffing van 30%, wat resulteert in een totale belastingdruk van 60%. 

De FAQ bevestigt bovendien dat geen enkele verrekening mogelijk is van reeds betaalde belastingen, voorheffingen, belastingkredieten, belastingverminderingen of buitenlandse woonstaatheffingen. Daardoor kan de economische kostprijs van een regularisatie in bepaalde dossiers aanzienlijk hoger uitvallen dan op basis van de wettelijke tarieven op het eerste gezicht lijkt. 

Belangrijke inhoudelijke wijziging EBAquinquies 

Een belangrijke inhoudelijke wijziging betreft de definitie van fiscaal verjaarde kapitalen. 

Onder EBAquater werd gekeken naar de vraag of de fiscus nog een heffingsbevoegdheid had ten aanzien van de persoon op wiens naam de regularisatieaangifte werd ingediend. Onder EBAquinquies verschuift dit criterium naar de belastingplichtige die de oorspronkelijke fiscale overtreding heeft begaan. 

Dit heeft belangrijke gevolgen voor dossiers met schenkingen, erfenissen en familiaal vermogen. Erfgenamen en begiftigden worden niet langer beoordeeld vanuit hun eigen fiscale positie, maar vanuit die van de oorspronkelijke belastingplichtige. Hierdoor ontstaat meer rechtszekerheid voor rechtsopvolgers die vermogen wensen te regulariseren waarvan zij zelf niet de oorspronkelijke fiscale overtreders waren. 

Deze wijziging kan worden beschouwd als een gedeeltelijke tegemoetkoming aan de kritiek dat eerdere regularisatierondes onvoldoende rekening hielden met de positie van erfgenamen en andere rechtsopvolgers. 

Strengere bewijslast opgebouwd vermogen 

De meest opvallende verandering betreft echter de bewijslast. 

De FAQ bevestigt uitdrukkelijk dat de aangever moet aantonen welk deel van het vermogen reeds zijn normale fiscale regime heeft ondergaan. Daarbij volstaat een eenvoudige verklaring niet. Het bewijs moet worden geleverd aan de hand van schriftelijke stukken zoals: 

  • aanslagbiljetten;  
  • fiscale aangiften;  
  • bankdocumentatie;  
  • schenkingsakten;  
  • nalatenschapsdocumenten;  
  • andere relevante bewijsstukken.  

Bij gebrek aan voldoende bewijs bestaat het risico dat het onbewezen gedeelte — of zelfs het volledige vermogen — als te regulariseren kapitaal wordt beschouwd. 

De FAQ sluit daarbij nadrukkelijk aan bij recente rechtspraak van de Nederlandstalige rechtbank van eerste aanleg te Brussel en bevestigt de strikte bewijsstandaard die het CPR reeds langer hanteert. Volgens deze benadering moet een concreet verband worden aangetoond tussen de voorgelegde documenten en het betrokken vermogen. Algemene verwijzingen naar vroegere inkomsten, spaargelden of beroepsactiviteiten zijn onvoldoende. 

Positieve aanpassing contextuele vermoedens bij regulatieronde

Een positieve wijziging is dat de FAQ expliciet erkent dat contextuele vermoedens een rol kunnen spelen bij de bewijsvoering. 

Elementen zoals: 

  • de familiale historiek;  
  • de aard van de beroepsactiviteiten;  
  • de afwezigheid van aanwijzingen van fraude;  
  • de historische opbouw van het vermogen.

De FAQ benadrukt echter dat dergelijke vermoedens enkel ondersteunend kunnen werken. Zij moeten ernstig, precies en onderling overeenstemmend zijn en kunnen het ontbreken van een voldoende onderbouwd oorsprongsbewijs niet zelfstandig compenseren. 

Vooral bij oude buitenlandse vermogens, historische schenkingen en geërfde tegoeden blijft de bewijsvoering daardoor bijzonder complex.  

Belang van een prefiling bij regulatieaanvraag 

De FAQ onderstreept bovendien het belang van een zogenaamde prefiling-procedure. 

Wanneer twijfel bestaat over de toereikendheid van de beschikbare bewijsstukken, kan de belastingplichtige voorafgaandelijk en desgevallend anoniem het dossier laten beoordelen door het CPR. Dit biedt een belangrijke vorm van rechtszekerheid alvorens een formele regularisatieaanvraag wordt ingediend.   

Expliciete aandacht voor fysiek goud bij nieuwe regulatieronde 

Een van de meest opvallende nieuwigheden in de FAQ is de afzonderlijke behandeling van fysiek goud. 

Waar onder EBAquater enkel impliciet kon worden afgeleid dat goud voor regularisatie in aanmerking kwam, bevestigt de FAQ nu uitdrukkelijk dat fysiek goud kan worden geregulariseerd. 

Omdat goud een materieel actief is dat niet noodzakelijk voorkomt op bankrekeningen of financiële staten, besteedt de FAQ bijzondere aandacht aan de bewijsvoering omtrent: 

  • de oorsprong van het goud;  
  • de wijze van verwerving;  
  • de bewaring ervan;  
  • de historische opbouw van het vermogen.  

Positief is dat de FAQ hierbij ook rekening houdt met de realiteit van familiale vermogens die worden aangehouden in kluizen of op andere discrete bewaarplaatsen. Eveneens wordt bevestigd dat contextuele vermoedens ook in goudgerelateerde dossiers een ondersteunende rol kunnen spelen. 

Deze verduidelijkingen zorgen voor meer rechtszekerheid in een categorie dossiers die in de praktijk steeds vaker voorkomt. 

Buitenlandse vermogensstructuren  

De FAQ bevat daarnaast enkele belangrijke verduidelijkingen inzake buitenlandse vermogensstructuren. Het bevestigt de steeds grotere aandacht van de fiscale administratie voor internationale vermogensstructuren en buitenlandse activa. In deze blog wordt hier verder niet op ingegaan.  

Conclusie 

Hoewel EBAquinquies op het eerste gezicht vooral een voortzetting lijkt van EBAquater, toont de FAQ-update aan dat de regeling in de praktijk verder wordt verfijnd. 

De belangrijkste ontwikkelingen zijn de gewijzigde definitie van fiscaal verjaarde kapitalen, de expliciete erkenning van fysiek goud als regulariseerbaar vermogen en een meer genuanceerde benadering van contextuele vermoedens. Tegelijk bevestigt de FAQ dat de bewijslast bijzonder zwaar blijft en dat de administratie een strikte interpretatie hanteert bij de beoordeling van historische vermogens. 

EBAquinquies biedt nog steeds een belangrijke mogelijkheid om fiscale onzekerheden uit het verleden weg te werken, maar dit gebeurt tegen hogere tarieven en binnen een strenger bewijsrechtelijk kader.  

Voor belastingplichtigen met complexe familiale of internationale vermogensstructuren blijft een grondige voorafgaande analyse dan ook essentieel om de regularisatie correct te structureren en de totale kostprijs te berekenen. 

U kunt steeds bij LexQuire terecht om uw zaak te analyseren en u te begeleiden. Neem gerust contact met ons op. 

 

Beoordeel bericht
0 / 5

Your page rank:

Article Contact Form (Short Form)

Kunnen wij helpen?

Privacy *